Tags

, ,

Rustig wrijft hij met z’n poten, zoals insecten dat doen. De bus van Weert naar Eindhoven zit vol, maar voor hem was blijkbaar nog plaats. Misschien heeft hij wel het mooiste plekje van ons allemaal. Met zijn hele lijf zit hij tegen het raam aan, genietend van wat de eerste zonnestralen van de dag lijken. De wesp op ongeveer 20 centimeter van mijn hoofd heeft het goed voor elkaar.

image

Zal hij in de gaten hebben dat ik hem door heb? Het is een beetje voyeuristisch wat ik doe, ik maak inbreuk op zijn privacy. Mag ik ook eens? Hoe vaak komt het voor dat je een wesp zo dichtbij je hebt zonder dat je met je armen hoeft te wapperen? Dat zal zo vast gebeuren, als het meisje voor mij door heeft dat er nét voven haar hoofd een eng beest zit.

Het meisje dat iets hiervoor nog puffend de bus ingestapt is. Ik zag haar al van een afstandje aan komen rennen. Nou ja, rennen… Mensen die een trein of een bus moeten halen rennen anders. Alsof er voor verschillende situaties, verschillende soorten ren-manieren bestaan. Mensen in doodsangst rennen heel anders dan mensen die de trein moeten halen. Alsof je nog iets van waardigheid wil behouden en niet voluit rent, waardoor je er compleet belachelijk uitziet.

Ze voelt even aan haar oor. De wesp is net daarlangs gezoefd, maar ze heeft het niet bewust meegemaakt. Gelukkig, een hysterische busrit stond niet op mijn verlanglijstje. Het insect is iets verderop op het raam gaan zitten. Nog steeds ben ik de enige in de bus die het beestje gezien heeft. Ik vraag me af of de wesp uit Weert of uit Eindhoven komt. Of hij net even naar buiten geweest is in Weert, niks herkende en toen weer de eerste de beste bus in gevlogen zijn.

Zal dat zo gaan bij wespen? Dat ze de omgeving niet herkennen, dat de lucht vreemd voor hun is of dat ze weten dat ze niet in de buurt van familie zijn? Terwijl het beestje sereen op de ruit blijft zitten, besef ik dat ik eigenlijk vrij weinig over wespen weet. Hebben ze ook een koningin, net als bijen, of zit dat heel anders?

Terwijl ik mijn kennis over wespen bij aan het spijkeren ben op mijn mobiel, zie ik in mijn ooghoek dat de wesp weer dichter bij mij is komen zitten. Ik kijk hem aan, hij mij. Hij heeft geen angst, ik ook niet. We zijn bijna bij Eindhoven, dus bij wijze van afscheid knik ik. Ik weet niet of hij dat snapt, maar hij vliegt richting de deur. Misschien moet hij hier er ook uit. Als we stoppen, blijft mijn focus op het beestje, maar die verroert zich niet. Even denk ik er over ook te blijven zitten, maar zoveel interesseert de wesp me nou ook weer niet.

Advertisements